Met deze titel verraad ik meteen mijn leeftijd (voor de bloglezers die dat nog niet wisten :-)). Het is een slogan die werd bedacht door SIRE, in de jaren ’90. Veel mensen denken dat SiRE een verlengstuk van de overheid is, omdat ze filmpjes maken over maatschappelijke onderwerpen. Maar dat is niet zo. SIRE, Stichting IdeĆ«le Reclame is een onafhankelijke stichting, opgericht in 1967 door de communicatiebranche.
SIRE wil mensen wakker schudden, aanzetten tot nadenken, lastige zaken bespreekbaar maken, het debat aanjagen en mensen in beweging krijgen. Zij vonden dat nodig (in de vorige eeuw!) omdat:
“Iedereen zich zorgen maakt over verharding van de maatschappij, vervaging van normen en waarden, individualisering en toenemend geweld op straat”
En daarom maakten ze deze campagne. Het beeld is niet zo goed meer, maar de inhoud wat mij betreft wel.
Ik dacht aan SIRE toen ik deze week op de site van de New York Times filmpjes keek over een ‘burgerpatrouille’ in Minneapolis. Buurtbewoners organiseren zich in een Signal-buurtgroep. Ze rijden rond om te kijken of ze ICE-agenten signaleren. Als dat zo is, komen anderen naar buiten om op fluitjes te blazen. Voor sommige buurtgenoten is dat een teken om in huis te blijven, zodat ze niet opgepakt worden. Anderen gaan juist naar buiten om massaal te filmen wat ICE doet. Ze spreken hen aan, rijden achter hen aan, maken de hele nacht lawaai bij het hotel waar ze slapen. Massaal en vreedzaam protest. Ze weten dat de aanwezigheid van ICE en federale troepen bedoeld is om gewelddadig protest uit te lokken, maar ze laten zich niet verleiden.

bron: NY Times
De maatschappij, dat ben jij. Zou jij je buren verdedigen, als dat nodig was? Ik hoop dat ik dat wel zou doen, ook als het spannend wordt. Misschien is dat ook een voordeel van wat ouder zijn. Maar een gemakkelijke keuze is het niet. Dat liet SIRE al zien.
Gelukkig is het in ons land (nog) niet nodig dat we elkaar waarschuwen met fluitjes. Maar samen weerbaar zijn wel, denk ik. Gelukkig zie ik in mijn werk veel mooie voorbeelden van buurtkracht en hechte sociale netwerken. Bijvoorbeeld in de jaren dat ik in Twente werkte, waar het veel ging over noaberschap. Ik schreef er zelfs een paper over voor mijn opleiding veranderkunde.
De sociale netwerktheorie zegt dat verbindingen tussen mensen belangrijker zijn dan de eigenschappen van die mensen. Klopt dat volgens jou? Kunnen gewone mensen die actief zijn in een hecht samenwerkingsverband meer bereiken dan topspelers die niks met elkaar hebben? Meer daarover in een volgend blog.
